Model van het 'Zijperlijntje', te zien tijdens de Nazomerfeesten 2006
bij de Historische Vereniging Sint Pancras

De Model Spoorclub Alkmaar staat tijdens onze Nazomerfeesten met een prachtige modelbaan in de voormalige winkel van Vospan. De modelbaan beeldt tot in het kleinste detail een gedeelte uit van de zogeheten Noorderstoomtram, ook wel Zijperspoor genoemd, zoals dat er tot 1947 bijlag, op een schaal van 1:87.
















Voor hen die iets meer over die stoomtram willen weten, volgt er hieronder een verhaal over dat tramlijntje.

Nadat het hart van Bergen in 1905 zijn eigen stoomtram (nog niet met de locomotief Bello, want die kwam veel later naar Alkmaar) had gekregen werd er naarstig nagedacht om ook de rest van de kop van Noord-Holland te laten opstomen in de vaart der volkeren. In 1913 kwam er dan ook een verlengstuk van de verbinding Alkmaar- Bergen. Bij de voormalige vissersplaats Koedijk aan het Noord-Hollands Kanaal kwam een splitsing die richting Schoorl en verder voerde.

Als ooit het gezegde ,,Als het kalf verdronken is, dempt men de put’’ opgaat, dan was het wel hier bij de tramverbinding Alkmaar – Bergen - Schoorl. Overal was de stoomtram al op zijn retour. Het kalf zonk nog dieper toen de lijn goed en wel geopend was. Er kon op deze lijn niet met stoomlocomotieven gereden worden omdat door de Eerste Wereldoorlog de aanvoer van steenkolen plat kwam te liggen. De vermaarde locomotief 7742, ofwel de Bello, werd dan ook in Haarlem op stal gezet. Maar dat terzijde.
Dat de lijn nooit rendabel is geworden, is voor een groot deel te danken aan de trage ambtelijke bureaucratie. Er werd echt langer over de komst van de tramlijn gediscussieerd dan dat de lijn er daadwerkelijk gelegen heeft. Na drieëntwintig jaar oeverloos gepraat werd dan eindelijk aan de oever van het Noord-Hollands Kanaal de eerste biels gelegd. Twintig jaar later werd het eerste deel van de lijn al weer gesloopt. Toch is het best interessant om eens terug te gaan in de geschiedenis van deze tramlijn.



In het jaar 1890 dient directeur Harkes van de paardentramweg Hoorn-Enkhuizen bij de Provincie Noord-Holland een verzoek in betreffende een renteloos voorschot van 150.000 gulden voor de aanleg van een tramlijn van Haarlem via Alkmaar naar Schagen. Hij kan op dat voorschot rekenen mits hij voor 15 november 1891 een naamloze vennootschap die de lijn gaat exploiteren weet op te richten. Dat mislukt en een paar jaar is het stil in de kop van Noord-Holland.
Er komt weer druk op de ketel als op 28 september 1896 het plan ontstaat om de landbouwproducten uit de kop van de provincie per spoor naar Alkmaar en Schagen te transporteren. De meeste burgemeesters uit dat gebied lopen warm voor de zaak en nog geen twee weken later is de Noorder Stoomtramvereeniging opgericht. Zelfs het tracé wordt op die gedenkwaardige dag bekend gemaakt. Het lijkt allemaal erg voortvarend, maar het zal nog bijna zeventien jaar duren alvorens de openingsrit gemaakt kan worden. En zelfs die wordt enige keren uitgesteld.

Oorspronkelijk zou de gehele lijn op 25 augustus 1913 officieel worden geopend. Alles hangt echter af van de nieuwe spoorbrug bij Schoorldam. Die brug komt overigens recht tegenover het plattelandshotelletje aan het kanaal te liggen waar ooit de beroemde kunstschilder Pablo Picasso een kortstondige liefdesaffaire met een struise Noord-Hollandse schone had. In afwachting van het gereed komen van de brug wordt alvast op 13 juli 1913 het baanvak Alkmaar-Schoorl in gebruik genomen. De brug komt niet op tijd klaar en de hogere heren met hun zijden hoge hoeden worden nu op 28 augustus verwacht. Maar men heeft buiten de waard gerekend. De Raad van Toezicht op de Spoorwegdiensten moet eerst nog de lijn inspecteren en goedkeuren. Dat kan niet eerder dan op de tweede geplande openingsdag en zo wordt er op 29 augustus 1913 voor het eerst druk op de ketel van een locomotief van de klasse ‘Ezeltje’ gezet en kunnen de notabelen aan hun feestrit beginnen. Zij zitten in splinternieuwe rijtuigen. De locomotief heeft echter al enige jaren dienst gedaan op de lijnen Alkmaar-Egmond en Alkmaar-Bergen. Vanaf 30 augustus 1913 mag het volk van de tram gebruik maken.



Maar het merendeel van het ‘volk’ laat de tram links liggen. De verbinding Schagen-Alkmaar per stoomtram duurt zo’n anderhalf uur, terwijl de stoptrein er 37 minuten over doet en de sneltrein slechts 21 minuten. Mede door de komst van de particuliere autobusondernemingen werd de belangstelling voor de stoomtram steeds minder. Werd er aanvankelijk nog getracht het tij te keren door de autobusondernemingen te verbieden op strategische plekken passagiers op te nemen, het bleef bergafwaarts gaan. Het stoomtramknooppunt Schagen werd in drie fases opgeheven. In 1930 werd de dienst op Wognum gestaakt, in 1933 die op Ewijcksluis en op 7 oktober 1933 reed er vanuit Schagen ook geen tram meer naar Alkmaar. Vrijwel onmiddellijk daarna werd de rails verwijderd. De deel van de lijn tussen Alkmaar en Warmenhuizen bleef echter intact omdat de veiling in Warmenhuizen nog volop draaide en de meeste agrarische producten via Alkmaar in de rest van Nederland werden afgezet. Op die lijn worden aanvankelijk locmotieven van de serie 7700 ingezet, in een later stadium komen er diesellocomotieven van de serie 2400 te rijden. Op 27 december 1968 valt ook voor het overgebleven stuk definitief het doek. De stoomtramlijn Alkmaar-Schagen herleeft echter op schaal 1:87.
Bij de Model Spoorclub Alkmaar ontbreekt alleen nog het gedeelte tussen Schoorl en Warmenhuizen. Tijdens Eurospoor 2006 zal men het gedeelte tussen Warmenhuizen en Schagen aan het publiek tonen.

terug



hit counter